Op deze website van het Servicepunt examinering mbo vindt u informatie over de beroepsgerichte examinering in het mbo.

Servicepunt examinering mbo
examineringmbo@mbodiensten.nl
0348-75 36 30
06-4673 5418 
(op werkdagen tussen 9.00 en 16.00 uur)
Houttuinlaan 6
3447GM Woerden

Veelgestelde vragen

Hieronder vindt u een overzicht van veelgestelde vragen over beroepsgerichte examinering in het mbo met bijbehorende antwoorden. Het ministerie van OCW en de Inspectie van het Onderwijs hebben deze antwoorden gevalideerd. Bekijk ook veelgestelde vragen over de herziene dossiers en examinering en over de examinering van studenten met een extra ondersteuningsvraag.

Staat uw vraag er niet bij? Vul dan het contactformulier in. Medewerkers van het servicepunt proberen u vraag binnen drie werkdagen te beantwoorden. Als de beantwoording meer tijd vraagt, hoor u dat binnen de afgesproken termijn.

Bij het tot stand komen van de antwoorden is gebruik gemaakt van informatie van de Inspectie van het Onderwijs, het Ministerie van OCW, het Steunpunt taal & rekenen mbo, het Servicepunt IHKS, Herziening MBO, MBO 15, het College voor Toetsen en Examens (CvTE) en het Expertisecentrum Handicap en studie.

Veelgestelde vragen op andere sites

  • Toezicht op het mbo (juli 2015) - Inspectie van het Onderwijs (download pdf)
  • Toezicht op taal, rekenen en loopbaan en burgerschap - Inspectie van het Onderwijs (ga naar site)
  • Generieke taal- en rekeneisen - Steunpunt Taal & Rekenen mbo (ga naar site)

 (Klik op onderstaande vragen voor het antwoord) 

Bekostiging en herkansingen

> Ligt wettelijk vast hoeveel herkansingen een school moet bekostigen bij (uitbestede) examens, alvorens de examenkandidaat zelf moet betalen?

Nee. De wet kent geen beperking voor het aantal herkansingen van de specifieke examenonderdelen (kerntaken). De school maakt en verantwoordt deze keuze zelf en communiceert dit helder richting de student, bijvoorbeeld in de onderwijs- en examenregeling (oer).

> Moet een examenkandidaat bij het herkansen van een onvoldoende beoordeelde proeve altijd de hele proeve herkansen?

In bepaalde situaties kan een examenkandidaat alleen een specifiek - onvoldoende beoordeeld - werkproces herkansen. Bijvoorbeeld wanneer uw school dit vooraf goed heeft omschreven in de onderwijs- en examenregeling (oer). De kandidaat moet het werkproces dan apart kunnen uitvoeren en u moet het apart kunnen beoordelen. Het mag in die situatie niet samenhangen met andere werkprocessen.

> Waar let de inspectie op als ik de keuze maak voor het herkansen van één – onvoldoende beoordeeld - werkproces in een proeve?

Het Toezichtkader bve 2012 gaat ervan uit dat de school ten minste driekwart van de werkprocessen per kerntaak op het vereiste niveau van kennis, houding en vaardigheden toetst. Daarbij moet het gaan om ‘de essentie van het beroep’. Neem dit mee in uw keuze voor een separate herkansing van een werkproces en leg deze keuze vooraf (beargumenteerd) vast.


Beoordelingsschalen

> Mag ik een tweepuntsschaal (onvoldoende/voldoende) voor de beoordeling van examenonderdelen hanteren?

Dit mag bij het beoordelen van werkprocessen. Niet bij de eindwaardering van kerntaken van opleidingen gestart na 1 augustus 2012. Bij start van een opleiding na die datum drukt u de eindwaardering van een kerntaak minstens uit op een driepuntsschaal. Voor generieke examenonderdelen gebruikt u een tienpuntsschaal als eindwaardering, voor loopbaan en burgerschap ‘voldaan’ of ‘niet voldaan’.

(bron: art. 15, Examen- en kwalificatiebesluit beroepsopleidingen WEB, Ministerie van OCW)


Beroepsgerichte taal- en rekeneisen

> Moet ik de beroepsgerichte kwalificatie-eisen voor Engels op niveau 4 apart examineren of is een generieke toets voldoende?

Het is belangrijk dat u onderscheid maakt tussen generieke en beroepsspecifieke eisen voor Engels. U moet bij de examinering van de generieke eisen en de beroepsspecifieke eisen een afzonderlijk oordeel geven.

(bron: handreiking referentiekader Moderne vreemde talen in het mbo, Steunpunt Taal en rekenen mbo)

> Als mijn school het onderwijs grotendeels in het Engels verzorgt, mogen wij dan ook in het Engels examineren?

Onder bepaalde voorwaarden mag dat. De WEB, artikel 7.1.1. vermeldt dat u een andere taal kan bezigen … “(a) wanneer het onderwijs m.b.t. die taal betreft, of (b) indien de specifieke aard, de inrichting of de kwaliteit van het onderwijs dan wel de herkomst van de deelnemers daartoe noodzaakt overeenkomstig een door het bevoegd gezag vastgestelde gedragscode”.

(bron: handreiking referentiekader Moderne vreemde talen in het mbo, Steunpunt Taal en rekenen mbo)


Beroepspraktijkvorming

> Voor diplomering moet de bpv met goed gevolg zijn afgesloten. Wat betekent dit?

U mag volgens de WEB (art. 7.4.3) alleen een diploma uitreiken als de examenkandidaat de bpv met goed gevolg heeft afgesloten. Dit is een diploma-eis. De school geeft in de onderwijs- en examenregeling (OER) aan wat dat betekent en informeert de student daarover.

> Wie bepaalt de eisen waaraan de student moet voldoen?

De school bepaalt zélf, in overleg met het leerbedrijf, de precieze criteria hiervoor en neemt deze op in de bpv-overeenkomst. Bij de uiteindelijke beoordeling van de bpv moet de school het oordeel van het leerbedrijf meewegen.


Bewaartermijn diploma’s en examengegevens

> Hoe ga ik om met bewijsstukken van examens die ik niet kan bewaren?

Als het niet mogelijk is een bewijsstuk langer dan de vastgestelde bewaartermijn (tot anderhalf jaar na diplomering) te bewaren, kunt u er bijvoorbeeld foto’s, films of geluidsopnamen van maken. Bewaar wel altijd de ingevulde beoordelingslijst.

> Hoe lang moet ik diploma’s bewaren?

In de selectielijst is aangegeven hoe lang een school bepaalde documenten moet bewaren. Volgens deze selectielijst moet de examencommissie de ondertekende uitslagenlijst dertig jaar bewaren. Als er geen uitslagenlijst is, moet de examencommissie certificaten, diploma’s en cijferlijsten ook dertig jaar bewaren.


Deskundigheid beoordelaars

> Moet elke beoordelaar of praktijkbegeleider een assessorentraining gevolgd hebben?

Nee. Het gaat erom dat de school weet of examenfunctionarissen voldoende deskundig zijn. Een certificaat kan daar een onderdeel van zijn. Het gaat er om dat een beoordelaar objectief en deskundig zijn examentaak uitvoert.

> Zijn er landelijke eisen voor assessorentrainingen?

Nee. Er zijn geen landelijke eisen of certificaten voor beoordelaars. De school moet zelf zicht hebben op de deskundigheid van de eigen examenfunctionarissen en op de kwaliteit van het werk dat zij verrichten. Trainingen zijn daarbij een middel, geen garantie.


Examencommissie

> Moet iedere wijziging van een ingekocht examenproduct op dezelfde wijze worden vastgesteld?

Dat mag de school zelf bepalen. Bij ‘cosmetische aanpassingen’ (spelfouten, en dergelijke) is het vaststellen puur een formele kwestie. Bij grotere wijzigingen is uiteraard wel nieuwe vaststelling nodig. Goed versiebeheer ondervangt veel problemen. Daarmee laat de examencommissie zien dat ze 'in control' is.


Examendossier

> Wat neem ik op in het examen- of diplomadossier?

Er zijn geen wettelijke voorschriften die de inhoud van een examendossier bepalen. De school bepaalt die inhoud zelf. Wel moet de examencommissie duidelijk aangeven op grond van welke eisen zij het diploma verstrekt. Het Toezichtkader van de Inspectie kan hier richting aan geven.

> Moet ik alle examenopgaven bewaren in een dossier?

Nee, dat is alleen noodzakelijk als daarin een ingevulde beoordelingslijst is opgenomen die aangeeft hoe het uiteindelijke eindresultaat voor de kandidaat tot stand is gekomen.


Inkoop examens

> Wie is verantwoordelijk voor externe afname van examens of examendiensten bij een leverancier?

Als een school zelf overgaat tot de inkoop van examenproducten of -diensten, bijvoorbeeld omdat deze van hogere kwaliteit zijn of minder kosten dan die van de school zelf, blijft de inkopende school zelf verantwoordelijk voor de resultaten, diplomering en examenkwaliteit.

(bron: aanpak beoordeling ingekochte exameninstrumenten en –diensten in 2012, Inspectie van het Onderwijs)

> Wat zegt de inspectie over de verantwoordelijkheid bij het inkopen van examenproducten?

De inspectie zegt daarover: In geval van inkoop neemt een mbo-school exameninstrumenten en/of -diensten af van een andere instelling of een examenleverancier. Bij inkoop blijft een mbo-school altijd verantwoordelijk voor de inhoud, vaststelling en wijze van afname van examens.

(bron: aanpak beoordeling ingekochte exameninstrumenten en –diensten in 2012, Inspectie van het Onderwijs)


Modeldiploma, diplomering

> Moet een examenkandidaat voor alle kerntaken een voldoende halen, of mag hij tussen kerntaken compenseren?

Als een examenkandidaat een onvoldoende op een kerntaak heeft, mag hij niet compenseren. Het Examen- en kwalificatiebesluit beroepsopleidingen WEB vermeldt dit in artikel 17: voor elk van de specifieke examenonderdelen (kerntaken) moet een student een eindwaardering van ten minste het cijfer 6 of ten minste een voldoende behalen, of een vrijstelling hebben.

(bron: wijzigingsregeling modeldiploma mbo, Examen- en kwalificatiebesluit beroepsopleidingen WEB, Ministerie van OCW)

> Onze proeve van bekwaamheid beslaat meerdere kerntaken met onderliggende werkprocessen. Mag dit?

Ja. U mag kerntaakdoorsnijdend examineren. U moet als mbo-school de beoordeling wel zodanig opbouwen dat u altijd een eindwaardering per kerntaak levert en registreert.

(bron: wijzigingsregeling modeldiploma mbo, Examen- en kwalificatiebesluit beroepsopleidingen WEB, Ministerie van OCW)


Procesarchitectuur Examinering

> Hoe weet ik of de informatie van de digitale procesarchitectuur betrouwbaar en nog steeds geldig is?

Het Servicepunt examinering mbo zorgt er minimaal jaarlijks voor dat de informatie up-to-date blijft. Het servicepunt zorgt voor gevalideerde informatie in samenwerking met de onderwijsinspectie, het ministerie van OCW en de MBO Raad. Vernieuwing vindt plaats als dat noodzakelijk of wenselijk is.

(bron: www.kwaliteitsborging.examineringmbo.nl)

> Kan ik de landelijke website ook inrichten met documenten van mijn eigen school?

Ja. Uw school kan gratis een schooleigen omgeving inrichten. Hier kan de school zelf beschrijven hoe de examenorganisatie in elkaar zit, hoe de examenprocessen verlopen en op welke manier de kwaliteit geborgd is. De informatie en documenten kunt u zelf aanpassen en aanvullen. Zo’n omgeving vraagt u aan via examineringmbo@mbodiensten.nl.

(bron: www.kwaliteitsborging.examineringmbo.nl)


Proeve van bekwaamheid (proeve)

> Is de proeve van bekwaamheid onderdeel van de onderwijstijd?

Als de proeve tijdens de bpv plaatsvindt, telt deze tijd volledig mee als onderwijstijd. De school moet wel duidelijk maken waar er sprake is van bpv (als deel van het onderwijs) en waar van de proeve (als deel van de examinering).

> Moeten er bij het afnemen van een examen in de reële beroepspraktijk altijd twee beoordelaars (van de school) aanwezig zijn?

Het is geen eis. Als de school de kwaliteit van de examinering maar borgt. Daarbij schat uw school in welk risico u loopt bij de examenafname. Is het risico op onjuiste examenafname of –beoordeling groot, dan zorgt u voor een passende oplossing. Het zogenoemde ‘vier-ogen-principe’ kan dan een oplossing zijn.

> Moet u een examen in de reële beroepspraktijk altijd uitvoeren bij een erkend leerbedrijf?

Nee. De school bepaalt of een bedrijf geschikt is als examenplek en of zij de kwaliteit van de examinering binnen dat bedrijf kan borgen. Niet ieder erkend leerbedrijf is een geschikte examenplek. Een bedrijf dat niet erkend is als leerbedrijf kan wel geschikt zijn om een deel van het examen af te nemen


Voorwaardelijke toetsing

> Mag ik een theorietoets die betrekking heeft op dezelfde kerntaak als de proeve van bekwaamheid, voorwaardelijk stellen om te mogen beginnen aan deze proeve?

Dat mag. Daarbij moet uw mbo-school goed verantwoorden en vastleggen waarom een opleiding deze keuze maakt.

(bron: publicatie Voorwaardelijke toetsing en examinering, Servicepunt examinering mbo)

> Op welke wijze kijkt de Inspectie van het Onderwijs naar voorwaardelijkheid?

De inspectie zegt hierover dat als het behalen van een bepaalde toets een voorwaarde is voor het examen, het feitelijk een onderdeel wordt van het besluitvormingsproces voor diplomering. Daarmee is het echter nog geen onderdeel van de examinering. Het resultaat van deze toets moet ook betrokken worden bij de resultaatbepaling voor het diploma.

(bron: publicatie Voorwaardelijke toetsing en examinering, Servicepunt examinering mbo)

> Wat betrekt de inspectie uiteindelijk bij de oordeelsvorming over examens/exameninstrumenten?

Bij het oordeel over exameninstrumenten betrekt de inspectie alleen die examens die zowel deel uitmaken van de examinering als van de resultaatbepaling voor het diploma. Dit kunnen ook theorie-examens zijn. Kortom, de inspectie kijkt alleen naar voorwaardelijke toetsen als ze zijn opgenomen in het examenplan.

(bron: publicatie Voorwaardelijke toetsing en examinering, Servicepunt examinering mbo)

> Mag u op basis van onvoldoende resultaten op een ontwikkelingsgerichte toets een student de toegang tot een examen weigeren?

Ja, dit mag wanneer u deze voorwaarden opneemt in de onderwijsovereenkomst. Het moet voor student, ouders en de inspectie helder zijn hoe een dergelijk besluit tot stand is gekomen.

(bron: publicatie Voorwaardelijke toetsing en examinering, Servicepunt examinering mbo)